2014: deel 1 van de groene route

20-07-2014 16:25

In 2014 ga ik eerst een week alleen fietsen. Dit omdatJohn gelukkig weer werk heeft en niet vrij kan krijgen daardoor en ik alle tijd van de wereld heb.

Inmiddels al 5 heerlijke fietsdagen achter de rug met heerlijk weer op één dag na met wat minder weer. Inmiddels ben ik in Noord-Frankrijk iets ten noord-oosten van Metz in een simpel, maar fijn hotel met restaurant en dat is toch wel handig. Ik had ook een chambre d'hotes over nog 20 kilometer kunnen nemen, maar daar zat geen restaurant in de buurt en dan wordt het honger lijden.

De eerste dag zijn we vanuit Oost-Maarland vertrokken waar we de auto hebben geparkeerd. Pluspunt de auto stond redelijk veilig. Nadeel het klimmen begon direct. De eerste klimmen gingen redelijk. Ik moest wel erg wennen aan de zwaardere fiets. Doordat ik later alleen verder ga heb ik de tent ook nog op mijn fiets en dat scheelt toch best. Nu na 5 dagen ben ik helemaal gewend en deert geen enkele helling mij meer.

Één van de hellingen was wel heel erg. Al het asfalt miste aan de kant waar wij omhoog moesten. Het was meer gat en scheur dan weg en ook nog rond de 7% omhoog. Ik ben op een gegeven moment maar gaan lopen dat ging iets beter dan dat gestuiter en gemanouvreer en ik moest voorzichtig zijn van mijn collega's, dus af en toe luister ik weleens. Gelukkig kwam John naar beneden gelopen en heeft hij de fiets ook nog een stukje omhoog geduwd. Een laat ontbijt hadden we bij de monnikken van Val Dieu. Monnikken en wat kwam er uit d luidsprekers, totaal onverwacht en dat op Hemelvaart, DJ Tiesto. Die monnikken van tegenwoordig. Later liepen we langs de kapel en daar kwam gelukkig wel kerkelijke muziek vandaan.

Tijdens de lunch hebben we een heerlijk bord pasta weggewerkt, dat schijnt zo te moeten als je fietst, maar mij was het toch net een te zware maaltijd en daarna was het klimmen helemaal een hel. In Jalhay gingen we op zoek naar een slaapplaats en dat kostte even moeite. Genoeg bordjes, maar de eerste dag weer frans was best moeilijk. Uiteindelijk de ober gevraagd hoever het was en 300 meter om de hoek zat wat, maar toen John er heen liep bleek het dicht. Ik zat ondertussen in de bar met de GPS te spelen en zag dat er twee dingen moesten zijn. Toen John dan ook terug kwam bleek hij er maar één gevonden te hebben. Uiteindelijk er toch heen gefietst en gevonden. Ze bleken nog een kamer te hebben en zowaar op de begane grond. Een ruime kamer met ook nog een zitkamer. 's avonds konden we er eten en dat was nog eens een goden maaltijd. Zeker het toetje van John peperkoek, appel en warme kaas mmmmm.

Na een heerlijke nacht met goede bedden, hadden we een heerlijk ontbijt en hierna gingen we vrolijk op weg met de laatste dag samen fietsen. Het weer liet heel wat te wensen over. Het was koud en het was niet geheel droog. Weer wat hele mooie klimmen langs Spa. Veel fietsers op de weg vooral wielrenners. Eventjes de col de rosier beklommen en volgens iemand was dit de col waar Cancellara de tour de france stillegde vanwege alle valpartijen.

Hierna een heerlijke afdaling en aan de voet zat een heerlijk restaurant. Helaas moesten we hierna weer hard aan de gang, want het klimmen was nog niet over. Op een gegeven moment viel er een schroef van de gopro op de grond tijdens het afdalen, maar niet meer terug te vinden. Vreselijk balen, maar ja wat kan je er op dat moment aan doen.

Aan het eind van de afdaling zat een B and B, maar helaas zat hij vol. Ze ging gelijk een camping in de buurt bellen en gelukkig konden we daar terecht. Het was van een nederlands eigenaar die er al weer 27 jaar zat. 's avonds konden we patat eten met iets erbij en 's morgens had ze nog wel een half broodje in de vriezer. De volgende ochtend aten we dat op met dunne plakjes Mars. Mmmm echt heerlijk. Daarna scheidden onze wegen elkaar. John ging links, wat betekende terug naar huis en ik ging rechts mijn route verder vervolgens. Dit bleek voor mij vals plat omhoog en dat stopte niet, maar werd zelfs erger toen ook hier de weg weer heel slecht werd. Hele stukken ontbraken en weer een en al scheur. Hobbel de hobbel. Na 22 kilometer vond ik eindelijk een 

supermarkt om wat voor onderweg te kopen, want het ging niet beter worden qua faciliteiten die dag. Na eerst een bakje verse aardbeien weggewerkt te hebben kon ik er  weer tegen. Na de volgende klim een lekker broodje weggewerk en weer een klim later wat yoghurtjes. Inmiddels waren er nog 2 vakantiefietsers bij mij aangekomen, maar ik zag ze pas weer op de camping terug. 

Aan het eind van een lange zware dag kwam ik op een mooie camping uit, waar je ook nog kon kanoën of abseilen. Dit was zo gezellig dat ik hier ben gebleven en mijn tentje heb neergezet. Later kwamen er nog 9 andere vakantiefietsers bij met allemaal verschillende einddoelen. Blijkbaar is het gewoon als je als man alleen fietst, maar als vrouw is dat heel apart en stoer. Ik krijg daardoor zeer veel aanspraak, soms iets te veel naar mijn zin. Ik wil best af en toe een moment voor mezelf.

De volgende dag vertrok ik als eerste om half negen, dit vooral om bij de kantine lekker te ontbijten en mijn lunch te halen. Nee ik liet me niet nog een keer verrassen met niks te vinden onderweg. Dit bleek later een goede zet te zijn. Op zondag lijkt Luxemburg vrij uitgestorven. Alle restaurants zijn bijna dicht. 

Bij Bourci reed ik fout. Ik ging op een fietspad cq oude spoorlijn richting Bastenaken, dat was niet fout,maar het bleek dat de route over een viaduct op een beper een viaduct ging over de spoorlijn en ik had geen zin om terug te fietsen, maar ik wist dat ik bij Bastenaken een oude spoorlijn naar Wiltz kon pakken

. Zo gezegd zo gedaan, wel zeven kilometeromgefietst. In Wiltz heb ik een echte trein genomen naar Ettelbrück waar ik per ongeluk tegen het verkeer reed en in het Frans werd uitgekafferd. Was alleen niet onder de indruk.

In Mersh wou ik iets te slapen vinden, maar het hotel was pas om 18.00 uur open en ik was er al om 16.00 uur. Toen heb ik nog een keer de trein gepakt naar Luxemburg stad en hier heb ik een hotel genomen wat John on-line voor had gereserveerd. Een ibis vlakbij het station. In de buurt heb ik ook heerlijk gegeten en het toetje is de taart van de foto. Heerlijk!

Na een heerlijke nacht de volgende morgen vroeg opgestaan en richting Frankrijk vertrokken. Poeh even een afdaling van 18% over kinderkopjes om op de route te komen. Veel remmen en voorzichtig bij de drempels die ze er ook maar in hadden gelegd.. Daarna heerlijk langs de Alzette gefietst. Ik wou in 

Herdage nog kijken of die mensen uit Beverwijk en Castricum nog steeds op de camping stonden. Hier stonden ze 2 jaar terug toen wij daar overnachtte. Ben toch maar door gefietst. Hierna glooi je Luxemburg uit en met een forse klim ben je opeens in Frankrijk en je ziet het alleen aan de naambordjes, die zien er net wat anders uit. Voor de rest heb je het niet in de gaten. Hoewel ik me nu bedenk dat de drempels en de uithangborden qua soort bier ook wat veranderen. Bofferding is weg en een andere verschijnt hoewel ik even niet weet welke.

Hierna verder geglooid tot ik bij een bakkertje kwam. Ik dacht laat ik eens iets kleins eten tussen de middag. Nou na 20 minuten wachten was ik er klaar mee. Er was een groep van 6 nederlandse wielrenners geland en die hadden een grote bestelling en de bakkersvrouw moest daar blij mee zijn, want ze waren een grote klant. Één zat op te scheppen dat hij heel goed Frans kon, dat moest hij wel kunnen want hij had bij een internationale handelsonderneming gewerkt. Bla die bla die bla. Toen ze probeerde duidelijk te maken dat de ham op was en ze nog wel salami hadden, begreep hij er niks van, dus ik moest alleen lachen.

Daarna doorgereden en gehoopt iets te vinden en ik had geluk. Een leuk restaurantje met allemaal werklui, dus met het eten zat het wel goed. Het bleek dan ook heerlijk te zijn ;-) Hierna verder geglooid tot Kendange sur Canner waar ik een hotelkamer heb genomen.

Ik heb er weer vijf daagjes op zitten. De eerste dag lekker van Kedang-sur-Canner naar Château Sallins gefietst in schitterend weer. Strak blauwe lucht tot de lunch, daarna werd het flink bewolkt en het laatste uurtje kreeg ik fikse druppels over mij heen. Maar echt na werd de weg er niet van. De dag was flink glooiend met een aantal flinke beklimmingen waar ik nu en dan flink moeite mee had. En ach lopen kan toch best wel nu en dan.

Ik ben begonnen met de route naar Venetië van Benjaminse en daarna weer overgaan op de groene route aangezien mij het onduidelijk was of ik op de route van Benjaminse veel slaapgelegenheden zou tegen komen. Helaas betekende dat wel zo ie zo 83 kilometer fietsen om iets tegen te komen. En dat met alleen maar klimmen en dalen dan wordt dat een zware route. Gelukkig had ik heerlijk geslapen.

Na een voor Franse begrippen uitgebreid ontbijt ging ik op pad. De eerste heuvel bood zichzelf al vrij snel aan, maar ik had hem ook vrij snel veroverd. Daarna volgde de volgende en de volgende enzovoort, enzovoort. Ik was vrij vroeg om te lunchen. Het was nog voor twaalfen, maar na een rondje door het dorp zag ik meer mensen naar binnen gaan en kon ik ook met een gerust hard naar binnen. Heerlijk eten voor een aangenaam prijsje. Ik was precies op tijd, want een half uurtje later zat het hele eettentje barstens vol. Hierna ging het licht stijgend omhoog.  Na een tijdje begon het weer wat heftiger te stijgen, maar wij sloegen ons er door heer. Na een tijdje kwam er een wielrenner naast mij staan. Bleek een Nederlander uit Twente en hij reed de groene weg en een kameraad van hem reed er in een camper achteraan en zo had hij een lekker bed en geen bagage mee en kon hij flink veel kilometers maken.  Ik heb een flink stuk met hem meegefietst tot het weer echt ging klimmen met meer dan 8% toen heb ik hem in de steek gelaten.

Inmiddels ging het iets betrekken, maar ik hoopte dat het droog bleef. Helaas was dat niet zo. Er kwam even een flink buitje, maar kort over mij heen. Raakte er nog geen eens echt nat van. Alleen kwamen de druppels behoorlijk hard aan. Dit gebeurde allemaal op een landweggetje. Het landweggetje gebruikten ze ook om het gras dat ze hadden gemaaid op te schudden, dus op een gegeven moment werd een groot deel van de weg ingenomen door een rij gras wat lag te drogen. Een paar fietsers voor mij vonden dit blijkbaar eng, want die gingen er heel langzaam langs. Na dit landweggetje kwam er weer eens zo’n lekkere klim van dik 10%, maar ik sloeg me erdoor heen. Hierna glooiden we richting Chateau Salins waar een hotel was.

Je hebt hotels en hotels. Nou dit was een typisch frans hotel. Zwaar verouderd met een versleten houten trap naar de kamers die echt aan alle kanten doorzakte. De kamer was muffig en het bed keihard. De fiets mocht binnen staan in de gang voor de keuken. Later kwamen er ook nog twee wandelaars en twee andere fietsers. Het avondeten was lekker. Later hoorde ik van andere Nederlanders dat ze het niet hadden aangedurfd om er te eten.  Door het harde bed had ik wel erg slecht geslapen en hier een rustdag houden was ik echt niet van plan. Het was ’s morgens nog droog toen ik vertrok.


Na een uurtje viel er hier en daar een druppel en op een gegeven moment begon het pijpenstelen te regenen. Schitterende uitzichten beloofde het boekje mij, maar ik zag helemaal niks, zeker niks wat op de Vogezen leek. Afdalingen zouden met droog weer schitterend zijn geweest. Nu waren ze amper te doen door de stortregen. Op een gegeven moment ben ik in een schuur gaan schuilen, want het ging er te heftig aan toe. Ik heb nog wel naar de boer gezwaaid toen ik weer vertrok. Wat ik verder de hele weg heb gezien zijn koeien, hazen en herten, maar ja die praten niet terug en al met al was het een zware en eenzame dag.

In Lunéville vond ik gelukkig heel snel een hotel en had ik een he

le mooie kamer met stortdouche, maar hij moest nog schoongemaakt worden. Nu had ik nog niet geluncht en was het al tegen twee uur, maar gelukkig mocht ik er nog eten. Aan het eind van mijn lunch lag er een plasje water op de grond, was de bank vochtig en de servet doorweekt. Het eten was heerlijk en deed mij erg goed. Ik had gelijk voor twee nachten geboekt, want ik was ook toe aan een rustdag.

Een rustdag moet je niet in je eentje doen. Poeh wat is dat erg, een goed moment om je eenzaam te voelen. Gelukkig kwam ik met de lunch twee fietsers tegen die ik ook al in België had ontmoet en hebben we heerlijk gegeten. Verder naar een potje Jeu de boules in het park van het kasteel gekeken. Dat is serieuze business met rolmaten en al.

Het hotel had een uitstekend ontbijt en gelukkig kon ik er al vroeg terecht, dus naar mijn rustdag ging ik al om zeven uur ontbijten en had ik een lange dag voor de boeg met heel veel klimmen. Om acht uur zat ik al op de fiets, want het zou heet gaan worden. Glooiend ging ik naar Charmes waar we twee jaar terug ook waren geweest. Ik kwam hier al om half elf aan, dus te vroeg voor de lunch of al te stoppen naar 36 km. Eerst even een stop in een café om iets te drinken en daarna ben ik de bakker in gelopen en heb hier een sandwich en wat te drinken gehaald.

Om een uur of twaalf heb ik mijn tafeltje en stoeltje uitgeklapt onderweg en heb ik heerlijk geluncht. Er werd door de fransen vrolijk naar mij gezwaaid, want ja fransen doen dit ook dat hebben we wel in TGV’s en zo gezien. Lunch is heilig voor ze.


Rond een uur of drie kwam ik eindelijk een restaurant en bar tegen, maar ja met mijn geluk vaart niemand wel en ze waren gesloten. De bar ging om vier uur pas weer open. Ik had me er zo op verheugd, maar helaas. Hierna klommen we weer vrolijk verder van dorp naar dorp. Dat was vandaag opvallend zodra je een dorp zag liggen, wist je dat er naar toen moest klimmen en vaak behoorlijk steil ook nog. Na 86 kilometer kwam ik aan bij de camping in Darney. Een hele mooi municipal camping. Op dit moment was alleen de bovenweide open, maar per 1 juli gaat de rest van de camping ook open inclusief het zwembad. Als het zwembad nu wel open was geweest (met 32 graden vond ik dat een waanzinnig idee) was ik er met fietskleding ingedoken zo verlangde ik ernaar, maar ja met mijn geluk is hij natuurlijk dicht.

Ik kwam op de camping weer dezelfde fietsers als van de lunch van de vorige dag weer tegen, maar goed ook, want alleen op de camping had ik toch wel heel eng gevonden. We waren de enigste twee tentjes op de camping en er stond nog een auto met een nederlandse vrouw. Het sanitair van de camping was schitterend en ook goed onderhouden. De douch heerlijk warm en met een losse douchekop, heerlijk!. Op 500 meter zat er een intermarché en het avondeten was dan ook snel geregeld. We lagen weer vroeg in bed en waren ook weer vroeg wakker. Maar ja om om zes uur al te gaan inpakken leek mij voor mijn medekampeerders minder, dus toch nog maar een uurtje wakker gelegen.

Om half negen zat ik weer op de fiets. Althans ik deed een goede poging. Ik dacht nog “Is dit wel verstandig”, maar ja eigenwijs als ik ben luister ik ook niet naar mezelf J. De fiets stond namelijk iets hoger dan mijzelf en ja met een tent achterop moet je dan flink hoog zwaaien met je been om erover te komen. Verder zat er nog wat was achterop om te drogen, dus moest ik nog hoger en ja ik ben vrouw en het minder gewend, dus jullie raden de afloop vast al. Voet blijft haken achter de was. Ik kreeg hem ook niet meer terug. Fiets kwam naar mij toe vallen en wij eindigden samen op de grond onder een Ohoh van mij. Ruud en Jolanda, de andere fietsers, kwamen aangerend om mij te redden en ik kon alleen maar lachen. Ik ben toen maar op de weg opgestapt en dat ging wel goed. Wel 3 blauwe plekken erbij op mijn benen, maar dat was het.

 Het zou wederom een hete dag worden en wederom met weinig gelegenheden onderweg. Ik wou naar Scey om daar op de camping te gaan staan. Eten was er weer niet te vinden onderweg en alle klimmen lagen op de eerste 8 kilometer na allemaal vol in de zon. Die eerste klim was dan wel heel erg mooi door het bos en daarna een afdaling van zes kilometer door het bos en niet te steil waardoor hij heerlijk liep en je niet hoefde te remmen. De rest van de rit was zeer zwaar met een en al klim en heel heet weer. Na 60 kilometer kwam ik aan op de camping en onderweg was ik weer niks tegengekomen op een barretje na waar ik mij even verwend heb met een cola. Eten hadden zij helaas vandaag niet. Bij de camping zat een restaurant maar ik kon niks te eten meer krijgen, kwam net te laat. Een frisse cola kon nog net.

Na een kwartier tot een half uur kwamen Ruud en Jolanda ook aan. Gelukkig hadden twee fietsers die ik tegen kwam en op de terugweg waren doorgegeven dat de camping bij Scey dicht was en dat slapen in Port sur Saone beter was. Zij hadden de dag ervoor voor een dichte camping gestaan, maar voor hun was het 15 kilometer extra voor ons zou het 30 kilometer extra zijn. De camping stond in het route boekje als fantastisch sanitair beschreven. Nou laten wij het zo zeggen dat zal even geleden zijn geweest. Bij het douchen moest je de knop vast blijven houden anders had je na 5 seconden al geen water meer, maar het water was dan wel weer warm.

Om half zeven barstte het lawaai los. Het jeugdelftal van geen idee welke club speelde tegen een andere club en laat ik het zo zeggen de aanmoedigingen waren duidelijk. Waar we achter kwamen was dat alle landen liedjes hebben op dezelfde wijsjes. Wat ze zongen weet ik niet, maar “de uil zat in de olmen” kwam langs met een Franse tekst. Blauw-wit won uiteindelijk, maar of dat een thuisploeg was. Geen idee!

’s Avonds in het restaurant bij de camping gegeten met Ruud en Jolanda en daarna gewacht tot de zon onderging, want tot die tijd was het echt te warm in de tent. Na een warme zweterige nacht en nog wat ge-sms met John kwam ik erachter dat het de hele week zo ging blijven en dat zag ik echt niet meer zitten.  Toen ik vroeg of John mij op wou komen halen, vertrok hij direct na eerst een luxe hotel geboekt te hebben in Vesoul, 17 kilometer fietsen vanaf de camping. Wat me vooral nekte de afgelopen dagen was het gebrek aan eten en drinken. Dit nog een week volhouden ging ik echt niet redden.

Eerst ging ik afscheid nemen van Ruud en Jolanda en hun succes wensen en daarna ging ik op weg naar de bakker en daarna naar Vesoul. Eindelijk een iets groter dorp, dus was er iets te krijgen. De bakker was zeer druk. Hierna lekker voor de bakker mijn broodje opgegeten en gekeken naar die rare Fransen. De bakker was aan een drukke straat en op een gegeven moment stonden ze driedubbel geparkeerd om naar de bakker te gaan. Kortom al het verkeer stond stil in de straat.

Hierna gingen we met een klim het dorp uit, weer van die leuke akkerbouw en dus weer eens geen schaduw. Maar gelukkig wist ik dat het einde in zicht was.  Na een lekkere afdaling kwam er nog een veel steilere klim en hierna een vreselijk steile afdaling , 20 tot 25%. Opeens kwam er een auto uit een oprit, maar gelukkig zag zij mij op tijd, want ik kon dat echt niet bij remmen.  Het was een heel mooi dorp waar ik door ging hoewel een beetje vergane glorie. Hierna kwam ik een Voie Verte (vroegere spoorweg die omgebouwd is tot fietspad) tegen en aangezien die de juiste kant op ging heb ik die gevolgd. Toen hij stopte heb ik mij door woonwijken heen geslingerd en kwam ik via een park in Vesoul aan.

Rond elf uur was ik in Vesoul en ik kon niet eerder dan om twee uur in het hotel terecht, dus dat werd een barretje en restaurant vinden wat nog lastig bleek. Dat barretje vond ik, maar na een uur ging die ook dicht. Na drie rondjes door de stad vond ik met veel moeite ergens verstopt een Roemeens restaurantje met heerlijk eten. Om twee uur was ik bij het hotel, maar helaas hing er een blaadje dat ze door omstandigheden tot zeven uur gesloten waren. Ik heb mijn stoeltje toen maar in de schaduw uitgeklapt en ben lekker in een nieuw boek begonnen. Na drie uur lezen was ik halverwege en stond John opeens voor mijn neus.


De volgende dag gingen wij weer naar huis en zoals altijd met een klap. Ik haalde de fiets uit de kelder van het hotel. Keek op naar de medewerkster en stootte mijn hoofd op de trap Hierdoor raakte ik uit evenwicht en viel met fiets en al van de trap. Gelukkig heb ik er alleen een geschaafde ellenboog en een berg blauwe plekken aan overgehouden.